Lees de column van Cees!

https://gedragswerk.nl/bankzitter/

Verhalen

book
arrow narrow left

Lees alle verhalen

Ze wil iets worden, iemand

Jan Havik

13 sep 2026

Een MDO dat verder keek dan de diagnose

Veerle zit in de derde klas van het praktijkonderwijs. Ze wil iets worden, iemand. Geen droomberoep zoals stewardess, kapster of dierenarts, maar dieper. Ze wil zich ontplooien. En, merkt ze, dat lukt niet op de school waar ze nu heen gaat. De moeder van Veerle ziet een ongelukkig meisje thuis.

Haar moeder zet een ongebruikelijke stap: ze zoekt contact met het Ouder- en Jeugdsteunpunt en komt in contact met het samenwerkingsverband waarvan de school van Veerle deel uitmaakt. Doorgaans is een dergelijke klacht direct gericht aan de school zelf. Orthopedagoog Jaimie van der Laan, met wie Veerles moeder in contact komt, hoort achter de ‘klacht’ een verhaal dat haar aan het denken zet.

Veerle heeft in het primair onderwijs een overstap gemaakt naar speciaal onderwijs, vanwege een taalontwikkelingsstoornis (TOS). Na het primair onderwijs startte Veerle bij een vso-school. Er was in die periode thuis echter veel onrust, en die onrust nam Veerle mee naar school. Haar ouders gingen uit elkaar, haar moeder ging verder van school wonen. In overleg met haar toenmalige school is Veerle afgestroomd naar het praktijkonderwijs, op een school dichter bij de nieuwe woonplaats van Veerles moeder. Op dat moment liet Veerle een ontwikkeling zien die ook goed leek te passen bij het praktijkonderwijs. Maar toch voelde Veerles moeder dat Veerle niet volledig tot haar recht kwam.

Het samenwerkingsverband organiseert hierom een multidisciplinair overleg (MDO), waarbij ook moeder en dochter worden uitgenodigd. Veerles moeder vond namelijk dat Veerle door haar TOS-school onvoldoende werd uitgedaagd, en dat hierdoor Veerle niet kon worden wie ze wil worden. Het MDO levert een bevestiging van de positieve ontwikkeling van Veerle op het praktijkonderwijs op en daarmee erkenning voor de vraag van moeder en dochter. Misschien kan Veerle terecht bij Curio Pomona. Wéér een nieuwe school. Toch vindt iedereen binnen het MDO, inclusief Veerle, dat dit het proberen waard is. Curio Pomona is een specifiek soort vmbo. Het zit tussen het regulier onderwijs, het speciaal onderwijs en het praktijkonderwijs in, een arrangement van het samenwerkingsverband.

Ondanks de behoorlijke lijst aan afkortingen die in Veerles rugzak zaten, is Curio Pomona de uitdaging met Veerle aangegaan. Myriam Aarts, de schoolondersteuner, zag juist allerlei redenen waarom het Veerle wél zou lukken. Haar vroegere basisschool heeft haar een ‘gewoon’ vmbo-advies gegeven, de problemen in Veerles thuissituatie begonnen pas in het vo en Veerle was vanaf het eerste gesprek met Curio Pomona enorm gemotiveerd om grote stappen te zetten.

Vanaf de start bij Curio Pomona krijgt Veerle intensieve begeleiding. Een schoolmaatschappelijk werker voerde wekelijks gesprekken met Veerles moeder en Veerle zelf. Na vier maanden heeft ze uit zichzelf aangegeven geen behoefte meer te hebben aan deze gesprekken. Een speciale behandeling was voor haar, en volgens haar, dus niet nodig. Met haar mentor had ze sindsdien het reguliere contact dat alle leerlingen met hun mentor hebben.

Veerle heeft ambitie. Ze wil Zorg en Welzijn gaan doen na het vmbo. Dan heeft ze biologie en wiskunde nodig, twee vakken die op het praktijkonderwijs niet gegeven worden. Veerle moet dus best wat stof inhalen. Daar vindt Veerle samen met haar nieuwe school wel een oplossing voor: in vakanties heeft ze met boeken van school op eigen houtje twee jaar biologielessen ingehaald. De eerder gevolgde stages op andere scholen kan ze wegstrepen tegen de stages die nog op het programma stonden bij Curio Pomona. Zo wint ze een extra dag op school die ze, met begeleiding, aan wiskunde en biologie besteedt.

Haar derde en vierde leerjaar vmbo-basis volgt Veerle bij Curio Pomona. Het zijn leerjaren waarin Veerle lekker in haar vel zit. Ze wordt uitgedaagd, en voelt dat ze nu wel op weg is te worden wie ze wil. Veerle rondt haar vmbo uiteindelijk af zonder enige vertraging. Dat is dus inclusief haar unieke route en de vele verschillende scholen die ze onderweg is tegengekomen. Dat Veerle een grote drive heeft is inmiddels duidelijk. Echter, zonder de professionals die ondanks alle diagnoses naar de méns Veerle hebben gekeken, had Veerle zich niet op deze manier kunnen ontwikkelen. Zij hebben samengewerkt omdat ze zagen dat Veerle het wél kon. Dankzij het signaal van Veerles moeder richting het samenwerkingsverband stroomt Veerle in bij mbo-niveau 2, Helpende Zorg en Welzijn. Precies wat ze wilde.

Jan Havik