Buitenom

De jongen van zestien zit al twee jaar thuis. Hij komt nauwelijks van zijn kamer af. Hij speelt op internet, hij vlogt.


Buiten zijn kamerdeur staan de leerplichtambtenaar, de mentoren van school, de onderwijsconsulent, een zorg-coördinator van een andere school, een schoolarts, een door zijn ouders ingehuurde psycholoog en natuurlijk zijn ouders.


Er liggen stapels papier over de jongen bij de instellingen. Met diagnoses als autistische kenmerken en schoolangst. En mislukte interventies inclusief een laagdrempelig speciaal-onderwijstraject voor schoolweigeraars.

Er mislukken multidisciplinaire overleggen omdat zijn ouders niet ‘konden’. Ze konden misschien niet omdat ze het geloof in al die professionals kwijt waren.

Iedereen heeft zijn best gedaan, maar de jongen zit op zijn kamer met de deur dicht.

Gedragswerk gaat op internet naar hem op zoek. Eerst vergeefs want hij gebruikt een schuilnaam. Gelukkig maken zijn ouders het mogelijk met de jongen te appen.

Op een eerste bericht komt geen reactie. Maar stel je een vraag over digitale vaardigheden, dan krijg je antwoord. Je kunt heen-en-weer appen. Je komt met de jongen echt samen aan de keukentafel te zitten. Er komt perspectief in de vorm van een particulier opleidingstraject in IT-vaardigheden.

Het antwoord zit altijd in het hoofd van een ander.